Pedagogisch beleid


Pedagogisch beleid Gastouderopvang

 

INLEIDING

 

Binnen de opvang die gastouders, aangesloten bij het gastouderbureau, bieden aan kinderen is het belangrijk dat de opvang op een goede en verantwoorde manier plaatsvindt.
Naast de persoonlijke en eigen manier waarop gastouders dit doen is het belangrijk om een aantal pedagogische uitgangspunten vast te leggen.
Daarnaast moet gastouderopvang voldoen aan wet en regelgeving en moet er in duidelijke en observeerbare termen beschreven worden op welke wijze er emotionele veiligheid, mogelijkheden tot het ontwikkelen van persoonlijke, sociale en morele competenties geboden worden. Ook de wijze van overdracht van waarden en normen moet op deze manier beschreven staan. 

 

Gedurende de tijd dat kinderen bij gastouders verblijven moeten mogelijkheden geboden worden die hen, zo veel als mogelijk is, kansen bieden om zich te ontwikkelen en te ontplooien.
Ouders en/of verzorgers blijven te allen tijde eindverantwoordelijk voor de opvoeding van hun kinderen, maar gedurende de tijd dat zij gebruik maken van gastouderopvang dragen zij hun verantwoordelijkheid over aan de gastouder. Dan is er sprake van gedeelde opvoedingsverantwoordelijkheid. Het is in het belang van het kind dat vraagouders en gastouders deze opvoedingverantwoordelijkheid goed op elkaar afstemmen.
Binnen de opvang die gastouders bieden is de integratie van kinderen met en zonder extra zorgvraag vanzelfsprekend. Voorop staat dat kinderen in de eerste plaats gezien worden en tegemoet getreden worden als kinderen en er uitgegaan wordt van hun mogelijkheden. Met misschien voor sommigen een stukje extra zorg zodat zij, zo goed als mogelijk is, kunnen [mee]beleven wat voor hen haalbaar is.
Voor alle kinderen geldt dat hen de verzorging aangeboden wordt die, voor zover het mogelijk is, zo goed mogelijk aansluit bij hun behoeften.
Kinderen moeten zich prettig en op hun gemak voelen, zich veilig en thuis voelen, willen zij zich goed kunnen ontwikkelen en groeien. Het is daarom van belang dat het bij de gastouder prettig vertoeven is, het huiselijk aanvoelt, sfeervol en veilig is.

 

Dit beleidsplan dient een aantal doelen;
Voor de gastouderopvang geeft het uitgangspunten, handel- en werkwijzen en indicaties voor de leefomgeving weer. Voor vraagouders geeft het weer hoe het gastouderbureau, als vertegenwoordiger van Rolykids, denkt over opvoeding, pedagogische aangelegenheden, integratie, opvangcapaciteiten, leefomgeving, kwaliteit en veiligheid.  Voor extern is dit beleid het visitekaartje naar zowel [toekomstige] vraagouders als naar anderen toe, waarin wij onze uitgangspunten uiteen zetten.
Dit beleid is voor de inspectie een brondocument.

 

VISIE OP KINDEREN, HUN ONTWIKKELING EN DE MANIEREN WAAROP ZIJ LEREN

 

Een kind komt ter wereld met een zekere bagage aan erfelijk bepaalde eigenschappen en mogelijkheden. Invloeden uit zijn omgeving en de ervaringen die hij opdoet, zullen mede bepalend zijn voor de volwassene, die er uit dit speciale kind zal groeien. Een kind legt in zijn eerste levensjaren de basis voor zijn verdere ontwikkeling. Kinderen hebben van nature de drang om zich te ontwikkelen, te ontplooien en te groeien. Ieder kind doet dit op zijn eigen manier en in zijn eigen tempo.

Er valt een onderscheid te maken tussen datgene dat een kind nu zelfstandig kan bereiken [dat wat hij/zij zelf al kan] en hetgeen een kind kan met ondersteuning en begeleiding door een volwassene [dat wat een kind aan het leren is en uit kan voeren met hulp].
Ieder kind doet dit door ontdekken, ervaren, exploreren, oefenen, uitproberen, herhalen, vallen en opstaan, kortom spelenderwijs. Kinderen leren door ervaringen op te doen en binnen hun opvoeding moeten zij daar dus de gelegenheid voor krijgen.
Opvoeders en eventuele andere kinderen, die verder in die ontwikkeling zijn, helpen het kind zich het eigen maken van de volgende stap in de ontwikkeling door ondersteuning, uitdaging, aanmoediging en begeleiding etc. De opvoeders bieden die activiteiten aan  die helpen bij het zich eigen maken van dat volgende stapje dat geleerd met worden.
Op een goede manier opgroeien houdt ook in dat kinderen, naast alle positieve leersituaties, ook, passend bij hun ontwikkeling moeten leren omgaan met gevaar, problemen, uitdagingen en situaties waarin deze kunnen ontstaan.

 

De jongste kinderen leren voornamelijk door de ervaringen die zich op hun pad voordoen.
De jongste kinderen leren met hun gehele lijf en door al hun zintuigen te gebruiken. [totale betrokkenheid] 
Kinderen leren door te handelen, uit te proberen en door te ontdekken.
Kinderen leren, naast dat zelf doen, ook door naar elkaar te kijken, door te zien hoe of anderen het doen en dit na te doen [observeren en imiteren].
Kinderen leren door positieve manieren van omgaan en ervaringen met hun leefomgeving en volwassenen. Naarmate kinderen ouder worden, worden andere kinderen steeds belangrijker in hun ontwikkeling.
Kleine kinderen leren door herhaling, in kleine stapjes, door kleine veranderingen, door variaties op hetzelfde thema en door uitdagingen hierin zelf op te lossen. Naarmate kinderen zich verder ontwikkelen, ontplooien en groeien, zullen zij zelf steeds beter in staat zijn hierin hun eigen tempo, groei en de benodigde stappen mede te bepalen.
Kinderen leren beter als er uitgegaan wordt van hun eigen ontwikkeling en ingegaan wordt op wat hen bezig houdt of hun interesse heeft.
Kinderen leren door mee te helpen en mee te doen. Zij leren doordat een opvoeder  woorden geeft, vertelt over wat  het kind bezig houdt, wat het meegemaakt heeft en wat het aan het beleven is op dat moment. Het geven van woorden aan hun innerlijke wereld en de wereld om hen heen, door ervaringen te uiten en er vorm aan te geven.
Kinderen leren zowel door zaken te doen, als door te kijken en doordat erover gesproken wordt. 

 

De manieren van leren breiden zich uit naarmate het kind zich verder ontwikkelt. Experimenteren en bewust oefenen van het zich eigen maken van een vaardigheid en door mondelinge, visuele en schriftelijke informatie die zij bewust zoeken. Als het denkvermogen groeit hoeft een kind niet meer alles zelf eerst te proberen om er lering uit te trekken.
Naarmate kinderen verder groeien en rijpen krijgen zij voorkeur voor een bepaalde leerstijl, dromers, doeners, denkers, uitvinders en regelaars. Inspelen op de manieren waarop kinderen leren ondersteunt hen bij het zich verder ontwikkelen, groeien en ontplooien.   
Kinderen moeten zaken leren die nodig zijn om zich te kunnen ontwikkelen tot een goed, eerlijk, evenwichtig, gelukkig, creatief en zo zelfstandig mogelijk mens. In samenleven en in samenwerking met en in respect tot de ander.
Kinderen ontwikkelen en ontplooien zich beter en evenwichtiger als zij meer in aanraking komen met een heleboel zaken op een heleboel verschillende terreinen die op een prettige en positieve manier verlopen.
Verzorgen en opvoeden betekent dan ook: het begeleiden en ondersteunen van een kind in zijn groei naar een goede volwassene die zo veel als maar mogelijk is, zijn eigen mogelijkheden op een positieve manier kan benutten.
Dit kan het beste als er een sfeer en omgeving is die het kind in staat stelt zich op zijn eigen manier en in zijn eigen tempo te ontplooien, te ontwikkelen en te groeien.
Daarnaast is, binnen onze maatschappij, niet alleen die individuele ontwikkeling van belang maar ook de ontwikkeling en ontplooiing op sociaal gebied. Kinderen leren samenleven met anderen en leren functioneren als lid van een groep. Ook hiervoor geldt dat dit het beste kan in zo’n sfeer dat het kind, oefenenderwijs op zijn eigen manier en in zijn eigen tempo, kan leren samenleven met en in respect voor de ander.
Om goed te kunnen functioneren in onze maatschappij moeten kinderen ook waarden en normen leren die binnen onze cultuur passen. Naast de waarden en normen van de eigen thuissituatie komen kinderen bij gastouders met andere waarden en normen in aanraking. Daarnaast is respect voor andermans waarden en normen van groot belang in de opvoeding zodat kinderen leren ook op dit gebied te groeien en zich op een positieve manier te ontwikkelen. 

 

PEDAGOGISCH DOEL

 

Pedagogie binnen de gastouderopvang houdt in:
- De wijze waarop de gastouder handelt en werkt met de door haar/hem op te vangen kinderen.
- De manier waarop de opvoedkundige sfeer binnen de opvang vormgegeven wordt en
de zaken die kinderen geboden worden om zich te ontwikkelen en te groeien.
- Zowel voor de persoonlijke ontwikkeling als voor het leren samen spelen, leven en werken.
Dit alles voor zowel kinderen met als zonder extra zorg vraag.

 

Handel- en werkwijzen en opvoedkundige sfeer
Opvoeden van kinderen is een verantwoordelijke taak. Het opvoeden van andermans kinderen, vaak in situaties waar men alleen aanwezig is als volwassene brengt misschien nog wel meer, gevoelde, verantwoordelijkheid met zich mee. Het is daarom nodig om een aantal zaken te benoemen waar volgens Rolykids, gastouders aan moeten voldoen.
Gastouders kunnen kinderen opvangen in de leeftijd tussen de 0 en 13 jaar. Dit houdt in dat, als daar daadwerkelijk sprake van is, zij goed moeten kunnen inspelen op de zeer uiteenlopende ontwikkelingsniveaus van kinderen. Immers een baby vraagt heel wat anders van zijn opvoeder dan een kind dat op het punt staat naar de middelbare school te gaan.
De wijze waarop een gastouder handelt en werkt bepaalt de opvoedkundige sfeer die er heerst binnen deze situatie.

Voor alle kinderen geldt dat zij zich vertrouwd en emotioneel veilig moeten voelen binnen de opvang. Zij moeten zich wel bevinden.
Mochten zich onverhoopt zaken voordoen die zouden kunnen duiden op onverkwikkelijke zaken als kindermishandeling en/of seksueel misbruik of huiselijk geweld, dan treedt het Protocol Kindermishandeling in werking. De werkwijze hieromtrent is elders beschreven.  
Daarnaast is het van belang dat de opvang geschiedt op een plaats die fysiek veilig genoeg is voor kinderen om zich verantwoord te kunnen ontplooien en te gaan onderzoeken. Deze zaken worden niet beschreven in dit beleid maar vallen onder de zgn. Risico-inventarisatie veiligheid en gezondheid, welke elders beschreven staan.

 

Gastouders moeten een emotionele basisveiligheid bieden zodat zij een goede relatie met het kind kunnen opbouwen. Zij moeten vriendelijk, warm, betrouwbaar en positief zijn ingesteld. Gastouders bieden een prettige en gezellige, sfeervolle en warme omgeving aan, waarin respect voor elkaar en een positieve kijk op zaken, zeer belangrijk zijn.
Zij moeten gericht naar kinderen kunnen kijken zodat zij zien waar het kind mee bezig is, waar hij/zij aan toe is en nodig heeft.   
Voor de heel jonge kinderen is het nodig om hen goed te kunnen geven wat zij nodig hebben zonder dat deze kinderen duidelijk kunnen aangeven wat zij dan precies willen/nodig hebben.
Als de kinderen ouder worden en als zij zich meer ontwikkelen dan verandert de relatie met de gastouder ook. Van totale verantwoordelijkheid van de opvoeder naar een meer gedeelde situatie tussen opvoeder en kind.    

 

Gastouders bieden kinderen die dingen aan die zij nodig hebben om te groeien en zich te ontwikkelen. Dit kan door nieuwe zaken aan te bieden, een kind te stimuleren, door te praten en uit te leggen, door uit te dagen, door met eindeloos geduld weer te herhalen, door bij de medewerker gastouderbureau te rade te gaan, door dingen voor te doen, door juist dingen niet te doen, door kinderen de ruimte te laten om zelf zaken uit te zoeken/op te lossen/uit te proberen, door ondersteuning, door informatie te zoeken over dingen, te motiveren, te coachen, bemoedigen, door aan te sluiten bij de manieren waarop een kind iets leert, te leren kiezen, te luisteren, door consequenties te benoemen, vragen te stellen, complimenten geven, grenzen stellen, verantwoordelijkheden delen ……….. te veel om hier op te noemen.   

   

Naast sfeer bieden en een goede manier van begeleiden van de kinderen is ook de dagelijkse verzorging een belangrijk deel van de opvang.
Gastouders handelen door goed te reageren op de lichamelijke behoeftes van ieder kind. Voeding, rust, verschonen, lichaamstemperatuur en beweging worden aangeboden en uitgevoerd zoals past bij dat kind en zijn ontwikkeling. 

 

Een van de belangrijkste manieren waarop een opvoeder opvoedt is door middel van haar/zijn eigen voorbeeld gedrag. Immers een keertje laten zien hoe of het hoort zegt meer en stukken duidelijker wat de bedoeling is dan een heel verhaal. Kinderen zijn heel goed in staat om van de opvoeders af te kijken hoe of het eigenlijk hoort. Gastouders geven dan ook letterlijk het goede voorbeeld. Een goed voorbeeld hierin is het overbrengen van waarden en normen. Niet de uitleg die je geeft maar dat wat je doet zegt een kind: zo hoort het dus.  Waarden en normen worden vooral ook op deze manier over gebracht. Daarnaast is het belangrijk dat er op respectvolle wijze gesproken wordt over anders denkenden, mensen die er anders uit zien, over de gehandicapte medemens, de levensovertuigingen die anderen hebben etc. Gastouders discrimineren niet.
Gastouders houden rekening met de levensovertuigingen, dieet wensen en eisen van de vraagouder.

 

Een “veilige” leefomgeving binnen de opvang moet voldoen aan diverse wet en regelgevingaspecten.
In dit beleid wordt dieper ingegaan op de pedagogische aspecten m.b.t. omgaan met gevaar.
Kinderen moeten leren omgaan met gevaar en met situaties die gevaar kunnen opleveren. Hoe jonger kinderen zijn des te veiliger moet hun leefomgeving zijn. Een totaal veilige wereld bestaat niet maar hoe jonger het kind hoe veiliger deze moet worden gemaakt. Kinderen moeten leren omgaan met gevaar en niet er totaal vanaf gesloten worden. Dit houdt in dat de gastouder een kind hierin leert op een veilige manier zaken te bedienen en te hanteren of ermee om te gaan. Daarnaast mag het kind zaken zelf uitproberen die passen bij leeftijd en ontwikkeling en die geen heftige en vergaande consequenties hebben, dus verantwoord blijft. Immers door in kleine en gecontroleerde stapjes met gevaarlijke situaties te leren omgaan en je hierin steeds verder te ontwikkelen heb je vaardigheden geleerd die je in latere situaties goed van pas komen.

Om voor zichzelf en voor anderen te weten of hetgeen de gastouder doet, hoe zij/hij handelt en werkt is het van belang dat een gastouder naar zichzelf en het eigen handelen kunnen kijken, feedback hierover ter harte neemt en verbetering, indien nodig, in eigen werkwijzen kan toepassen.

  

Aangeboden zaken

Alle zaken die zich voordoen gedurende de opvangtijd kunnen worden aangegrepen als opvoedkundig moment. In alles zit wel een leermoment voor het ene of voor het andere ontwikkelingsgebied. Van samen eten tot jassen aantrekken om naar buiten te gaan. Van boodschappen doen tot verschonen. Van school ophalen tot appeltaart bakken. Van slapen tot huiswerk maken. Van opruimen tot uitzwaaien. Teveel om op te noemen.
Het is de houding van de gastouder die er zorg voor draagt dat deze momenten ook zo aangewend worden. Daarnaast zijn er natuurlijk ook de speelmomenten, de spelletjes, het voorlezen, de liedjes, de hobby’s van de gastouder die samen met de
kinderen gedaan kunnen worden, lol maken, puzzelen, vadertje en moedertje spelen, de hobby’s van het kind, de handenarbeidactiviteiten, sport en spel,  buitenspelen, clubs, verjaardagen en vieringen, muziek, wandelen etc. etc. momenten waarop opgevoed wordt.
Naast dingen die binnenshuis plaats vinden zijn er ook zaken die buitenshuis gedaan worden. Sommige activiteiten kunnen nu eenmaal beter buiten dan binnen. En voor kinderen is het ook belangrijk dat zij met grote regelmaat buiten komen. Op die manier doen zij meer weerstand op die nodig is voor een goede gezondheid en leren zij omgaan met de weerselementen. Hoe vaak en hoeveel er naar buiten gegaan wordt hangt nauw samen met de opvangsituatie en de behoeften van het kind. 
Speelmaterialen: voor de kinderen die opgevangen worden bij de gastouder zal speelmateriaal aanwezig moeten zijn. Wat deze precies zijn is afhankelijk van de kinderen die opgevangen worden. Speelmaterialen is niet alleen dat wat er meestal verstaan wordt onder speelgoed maar ook zaken als boeken, muziek, knutselspullen en huishoudelijke spullen. Daarnaast kan ook gedacht worden aan materialen zoals bladen, dozen, scheerschuim, zand, stenen, lappen stof enzovoorts.

Persoonlijke en sociale competenties
De gastouderopvang biedt gelegenheid tot het ontwikkelen van vaardigheden en verder uitbouwen van de eigen capaciteiten op het gebied van de cognitieve [verstandelijke] ontwikkeling, de lichamelijke [grote, kleine en zintuiglijke] ontwikkeling, de taalontwikkeling, de emotionele ontwikkeling [nodig voor een goede evenwichtige en stabiele persoon], de creatieve ontwikkeling, de persoonlijke en de seksuele ontwikkeling.
Kinderen hebben van nature de drang in zich om zichzelf te willen ontwikkelen en te groeien.  In opvoeden binnen de gastouderopvang gaat de gastouder uit van hetgeen het kind nu beheerst en biedt zij/hij datgene aan waar het kind aan toe is om te leren. Altijd uitgaand van de mogelijkheden en het kind volgend in zijn eigen ontwikkeling, eigen tempo en de eigenheid van zijn manier van leren. Ieder stapje hierin is er eentje en dit wordt gezien als een positieve ontwikkeling.


Omdat binnen gastouderopvang er grote verscheidenheid aan op te vangen kinderen kan zijn, moet de gastouder in staat zijn om goed te kijken waar het individuele kind mee bezig is, uitzoeken waar het kind aan toe is en die dingen aanbieden die het kind nodig heeft om verder te komen. De manieren waarop de gastouder deze zaken aanbiedt en die hierboven beschreven staan, hebben grote invloed op de wijzen waarop kinderen zich op deze gebieden ontwikkelen. De gastouder weegt daarom zeer zorgvuldig af welke de juiste is en gaat op deze manier te werk.      

 

 

Naast de individuele competenties biedt gastouderopvang ook mogelijkheden tot het ontwikkelen van sociale competenties.

Kinderen leren in de opvang om een positieve en gezonde relatie op te bouwen met de opvoeders.
Kinderen leren met elkaar spelen, omgaan, met elkaar samenwerken, elkaar te accepteren en respecteren. Kinderen leren voor elkaar zorgen, opkomen voor elkaar en rekening houden met elkaar. Centraal staat hierin kijken naar wat een ander wel kan i.p.v. wat allemaal niet mogelijk is.
De gastouder bevordert open en eerlijke relaties tussen kinderen onderling, maar natuurlijk ook naar volwassenen.
Door met de kinderen te praten over wat zaken betekenen voor een ander, hoe een ander zich zou kunnen voelen ed. bevordert de gastouder het inlevend vermogen van het kind. Dit is noodzakelijk wil het kind leren rekening met anderen te houden, er respect voor op te brengen en op een goede manier samen te leven.

Gastouders leren kinderen regels en normen in de omgang met anderen door het voorbeeld gedrag dat zij tentoon spreiden en door er met de kinderen over te praten en uitleg te geven. Ook begeleidt zij/hij de kinderen in het oefenen hierin met elkaar. Respect voor anderen en rekening houden met anderen wordt ook door het voorbeeldgedrag en door het praten en uitleggen geleerd.
Kinderen leren niet alleen op deze manier open staan voor elkaars mogelijkheden maar ook voor elkaars meningen en overtuigingen en leren ook hiervoor respect op te brengen

Mocht voorkomen dat er op de tijden van opvang geen andere kinderen aanwezig zijn, dan wordt er gekeken hoelang deze periode duurt. Mocht dit beperkt zijn [b.v. een stukje van de dag, of voor een paar weken] dan hoeft er geen structurele oplossing gezocht te worden. Mocht het voor langere periode het geval zijn dan gaat de gastouder actief op zoek naar mogelijkheden om het kind in contact te brengen met andere kinderen [b.v. meer naar een gezamenlijke zandbak]

 

Waarden en normen
Over waarden en normen is hiervoor al het een en ander gezegd. Dit komt omdat veel van wat wij vinden en doen bepaald wordt door de waarden waar vanuit er gewerkt wordt en de normen die daarmee samen hangen.

 

Waarden: betekenis in sociale, morele en geestelijke zin.
Normen: de maatstaf, de regel die voortvloeit uit de waarden.

 

Respect is, naast liefde voor de mens in zijn algemeenheid een van de sleutelwoorden binnen de opvang. Respect in woord en daad voor jezelf [ik ben okay], voor de ander [jij bent okay], voor het milieu waarin wij leven en voor relaties.
Hieruit komen een fiks aantal normen die een zeer vanzelfsprekend gevolg hiervan zijn. om er eentje uit te halen: wij leren kinderen rekening houden met elkaar, voor elkaar te zorgen, elkaar te helpen en voor elkaar op te komen. En dit brengt dan weer met zich mee dat er bv. dus niet gepest en gevochten wordt. 

 

Zoals reeds eerder gezegd: waarden en normen worden overgebracht door het goede voorbeeld door de gastouder.
Daarnaast is uitleggen en bespreken nodig zodat de kinderen begrijpen hoe iets in elkaar zit en waarom we doen zoals we doen. Vertellen hoe het hoort en wat er van je verwacht wordt.
Kinderen worden aangesproken op hun gedrag en ook hierbij wordt verteld hoe het wel hoort. Hoe ouder kinderen worden, des te meer mag van hen verwacht worden dat zij weten hoe het hoort.
De gastouder grijpt situaties aan om aan kinderen uit te leggen hoe het zit. Daarnaast geeft de gastouder inzicht in wat goed en fout gedrag is, wat gewenst en ongewenst, wat veilig en onveilig is. Zij/hij begeleidt kinderen in het zich eigen maken van gewenst gedrag.

 

Integratie

Binnen de Rotterdamse situatie neemt Rolykids een voortrekkersrol in met betrekking tot de integratie van kinderen met extra zorgbehoefte binnen de reguliere kinderopvang. Voor ons hebben alle kinderen recht op een eigen ontwikkeling, in het eigen tempo op de eigen manier en maakt het hierin niet uit of je wel of geen extra zorg nodig hebt. Ieder kind heeft dus recht op een plekje.
Soms hebben extra zorg kinderen wel extra randvoorwaarden nodig om te kunnen functioneren binnen de opvang. Wij willen, in ieder geval, al het mogelijke doen om ieder kind, op zijn minst, mee te kunnen laten beleven wat anderen doen.
Voor het kind met extra zorgbehoefte krijgt het weerbaarder maken en het leren van en samenleven met andere kinderen, meer aandacht. Voor kinderen, zonder extra zorg, ligt het accent juist meer op respecteren van anders zijn en leren zien van andere mogelijkheden.
Omdat wij in een gemêleerde samenleving leven, vinden wij dat ook op andere gebieden, zoals o.a. levensopvattingen en -overtuigingen en geaardheid, binnen de opvang ruimte en respect moet zijn. Ruimte voor anders zijn en voor andere opvattingen, respect voor andere waarden en normen.
Hele jonge kinderen komen, uit zichzelf, niet op het idee dat alles wat “anders” is, ook raar of gek of niet goed zou zijn. Gewoon samen in de opvang, samen leren, samen leven, zo gewoon mogelijk. Voornamelijk door het voorbeeldgedrag van de opvoeder leren jonge kinderen dit.
Bij oudere kinderen is er niet automatisch meer sprake van vanzelfsprekende acceptatie en zal het accent meer liggen op een goede begeleiding hierin en zaken meer met elkaar be- en uitspreken.
Op welke manier dit gedaan wordt is afhankelijk van de situatie en de kinderen die er opgevangen en opgevoed worden en zal door de gastouder ingeschat moeten worden en op de juiste manier aangepakt. 

 

KWALITEIT 

 

Om te voldoen aan de wet en regelgeving is het noodzakelijk dat de eisen die er gesteld worden aan het opvang adres zijn vastgelegd.
Binnen ruimten: de opvang beschikt over voldoende speelruimte voor de kinderen.
Slaapruimten: de opvang beschikt over, indien van toepassing, voldoende slaapruimte. Voor kinderen tot 1.5 jaar geldt dat er afzonderlijke slaapruimte moet zijn met op het aantal kinderen afgestemde slaapplekken.
Buitenruimten: afhankelijk van de leeftijd van de kinderen is het meer of minder noodzakelijk over eigen buitenruimte te beschikken. Voor schoolgaande kinderen is een eigen buitenruimte veel meer van belang dan voor de opvang van een baby met wie er naar een andere speelplek gegaan kan worden.

 

Om te voldoen aan de eisen van wet en regelgeving is het noodzakelijk om de leeftijdsopbouw en de aantallen van de op te vangen kinderen vast te leggen.
De gastouder mag maximaal 6 kinderen [dit is inclusief de eigen inwonende kinderen tot 10 jaar] opvangen.
Indien de op te vangen kinderen slechts in de leeftijd van 0 tot 4 jaar zijn, dan is het maximale aantal dat tegelijkertijd opgevangen mag worden: 5 [ook weer inclusief eigen kinderen].

 

Er mogen maximaal 4 kinderen in de leeftijd tot 2 jaar tegelijkertijd opgevangen worden, waarvan weer maximaal 2 kinderen van 0 jaar mogen zijn [ook deze weer inclusief eigen kinderen].

Extra zorg kinderen: conform de werkwijze van het gastouderbureau wordt per aanvraag voor de opvang van een extra zorg kind zeer zorgvuldig afgewogen welke gastouder het beste past bij de omvangbehoeftes van dit specifieke kind en de wensen van de vraagouders hierin. Bij deze afweging wordt rekening gehouden met mogelijkheden, capaciteiten, ervaringen en opleiding van de gastouder. Daarnaast wordt er specifieke deskundigheidsbevordering, indien nodig, aangeboden. Mochten er handelingen nodig zijn die conform de Wet Big nodig zijn dan wordt de gastouder ondersteund in de aanvragen en werkwijzen hieromtrent.

 

De eigen kinderen: tijdens het intake gesprek inventariseert de bemiddelingsmedewerker het aantal eigen kinderen en de eventuele bijzonderheden van hen.

 

Deskundigheid en ervaring gastouder: tijdens de intake inventariseert de bemiddelingsmedewerker welke vooropleidingen, relevante cursussen en eventuele ervaringen de gastouder reeds heeft opgedaan.

 

Versie 2.0
201011